|
|
Wasbeerhond: een nieuwe soort in Nederland De wasbeerhond Nyctereutes procyonoides wordt steeds vaker in ons land gesignaleerd, vaak als verkeersslachtoffer of als slachtoffer tijdens de maïsoogst. Door jagers wordt hij ook wel, naar het duits, marterhond genoemd, maar wasbeerhond is de officiële nederlandse naam. Wat is het voor een dier en wat moeten we er mee? Het is een hond-achtige, zo groot als een vos, maar lager op de poten. Hij is inheems in het verre oosten van Azië en werd voor zijn dikke, ruige pels in enkele Sovjetstaten gefokt en uitgezet, rond de Tweede Wereldoorlog. De russen maken er bijvoorbeeld warme hoofddeksels van (zie foto). Vanuit Rusland verbreidde de wasbeerhond zich de laatste decennia over de rest van Europa. In de Flora en Faunawet wordt hij genoemd in bijlage 1 van de 'Regeling beheer en schadebestrijding dieren' (weliswaar met de foutieve naam 'marterhond'). Het is daarmee een diersoort waarvan de stand mag worden beperkt, als bedoeld in artikel 67.1. Maar daar is wel een regeling van de provincie voor nodig. Ecologisch gezien lijkt er voorlopig echter geen reden voor bestrijding te zijn. Er wordt momenteel gewerkt aan de risicoanalyse voor deze exoot. Sim Broekhuizen schreef in het tijdschrift Zoogdier een artikel over de wasbeerhond, waarbij hij de argumenten om deze nieuwe soort te bestrijden op een rijtje zet, en…. doorprikt. Lees hier het artikel: Wordt de wasbeerhond een nieuwe muskusrat? Artikel pdf.
Het begint er de laatste jaren op te lijken dat de wasbeerhond vaste voet krijgt in ons land. Daarom is het van belang om zijn rol bij het overbrengen van ziektes te onderzoeken en in de gaten te houden. Ook is het zaak meer te weten te komen over zijn voedsel en reproductie in ons land, en over zijn toenemende verspreiding. Het RIVM in Bilthoven doet daarom (in samenwerking met Bureau Mulder-natuurlijk) onderzoek aan dode wasbeerhonden. Hieronder vindt u aanwijzingen hoe u een wasbeerhond kunt inleveren. Als u een dode wasbeerhond wilt laten opzetten, is het mogelijk het onderzoek zodanig uit te voeren dat het niet nadelig uitvalt voor de kwaliteit van het opgezette dier. Waarnemingen doorgeven ! Ook
waarnemingen van wasbeerhonden zijn van groot belang om de opmars van de
wasbeerhond in de gaten te houden. Graag doorgeven aan Jaap Mulder, 06-10708498. Een belangrijke reden om de wasbeerhond in de gaten te houden, is zijn mogelijke rol bij de verspreiding van de vossenlintworm, Echinococcus multilocularis. Bekend is dat de vossenlintworm voorkomt in Oost-Groningen en Zuid-Limburg. De vos is tot nu toe de belangrijkste verspreider van de lintworm. De komst van de wasbeerhond zou er toe kunnen leiden dat het verspreidingsgebied van de lintworm groter wordt, doordat deze soort zich relatief snel uitbreidt. Jonge dieren gaan al vanaf augustus, als ze nog niet eens volgroeid zijn, op zoek naar een eigen leefgebied, en kunnen zich daarbij gemakkelijk enkele tientallen kilometers verplaatsen. In het kaartje is met een oranje ovaal aangegeven in welk deel van Nederland we momenteel wasbeerhonden kunnen verwachten. Hoe levert u een wasbeerhond in? 1. De wasbeerhond met handschoenen aan in een vuilniszak stoppen, de gebruikte handschoenen ook bij de zak insluiten. De zak daarop deugdelijk afsluiten. 2. Op een vel papier zoveel mogelijk gegevens noteren: de vindplaats zo nauwkeurig mogelijk, bijvoorbeeld met kaartcoördinaten, of als stip op kaartje, of duidelijk omschreven; de vinddatum, uw naam met telefoonnummer en eventueel adres (voor navraag en uitslag), hoe bemachtigd, enzovoort. 3. De verpakte wasbeerhond nog eens verpakken in een tweede vuilniszak en daarin ook het papier met de gegevens stoppen. In een vriezer of tenminste koel bewaren. 4. RIVM bellen (030-2743926 of 2742661 secretariaat),of Jaap Mulder (06-10708498). RIVM laat de wasbeerhond in overleg met u ophalen. 5. Als u dat wenst, kan het onderzoek zodanig gebeuren dat het dier daarna opgezet kan worden. |
|
Webmaster: Willeke Mulder Laatst bijgewerkt: 31 August 2011 |